Dag 7 Clausthal- Bad Gandersheim- Holzminden- Mariënmunster- Steinheim  123 km in 6 uur met 926 hm.

17 september 2024 - Steinheim, Duitsland

Afgelopen nacht hebben we geslapen in 2 appartementen naast een grill-restaurant.  We hebben daar heerlijk gegeten en vanmorgen weer ontbeten. Bij het vertrek was het fris, in een mistige omgeving. Gelukkig was het zicht goed, want we moesten eerst veel dalen. Maar daarna hier en daar nog flink klimmen om de de Harz uit te komen.

Na 30 km kwamen we voor de koffiestop in Bad Gandersheim. Sinds de Middeleeuwen zijn hier kloosters en kerken en er is hier ook nog een kasteel. In de 2e wereldoorlog hebben de nazi’s van het klooster een concentratiekamp gemaakt. Hier werden onder erbarmelijke omstandigheden vliegtuigen gemaakt. De dwangarbeiders moesten vanaf hier in 1945 de “dodenmars” naar Dachau lopen. Slechts 200 gevangenen overleefden dat.

Wij drinken hier echter gezellig koffie bij het beeld van een dichteres en een prior. In de loop van de middag breekt de zon door bij het mooie dorpje Holzminden aan de rivier Weser, die naar Bremen loopt. We volgen de rivier tot aan Hoxter. Daarna komen we in een mooi natuurpark bij Mariënmunster, waar we nog flink moeten klimmen. Bij een mooi wit kapelletje in Eilversen drinken we een cola. Dan dalen we af naar Steinheim was ons Hotel Stadt bij het station ligt. We hebben hier 4 kamers besproken, maar er is hier overdag geen personeel aanwezig. Via de mail heb ik een code doorgekregen. Als je de code intypt komt er een keycard uit een apparaat gerold. De kamers zijn prima, maar we kunnen hier vanavond in het hotel niet eten. We gaan om 18.30 uur het dorp verkennen.

Verslag van Dirk Hazenoot

Vandaag verlaten we de Harz en fietsen door Naturpark Solling Vogler naar het westen. De terugreis is hiermee begonnen. Rondom Bad Grund eerst nog wel even klimmen op de vroege ochtend. Om bij de koffie in Bad Gandersheim te komen moest er nog meer geklommen worden. Vandaag staan er veel minder hoogtemeters op het programma, maar daar merken we nog niets van.

We fietsen wel lekker en er is op de route weinig aan te merken of het moet zijn dat als je van A naar B wilt, er niet veel alternatieve mogelijkheden zijn. Je moet dus soms ook over 80 km wegen rijden. Gelukkig is het niet druk op de weg. Over drukte gesproken, in de ochtend komen alleen door uitgestorven dorpen, geen mens te zien. Ook is er niet veel kleur en sjeu aan de omgeving waar we door rijden. De Eifel en het Sauerland  waren een stuk leuker en kleurrijker.

De stopplekken waren vandaag een schot in de roos. In Bad Gandersheim zaten we op het Marktplein met een kerk in onze rug en het politiebureau aan de overkant. Parkeergeld werd niet betaald, omdat Sjef een nog niet geheel gebruikt ticket bietste van een aardige mevrouw. Meer levendigheid vonden we in Einbeck, een al iets grotere plaats. 

Tijdens de lunch op bankjes bij een fonteintje waren voorbij rijdende auto’s het enige vermaak. De plek was prima gekozen en we zaten als Daantjes. Jammer wel dat Sjef “op eigen initiatief “ vergeten” was boter mee te nemen. 

In Stadtoldendorf reden we ook nog even naar een gecancelde stopplaats en terug. Dit was wel weer goed voor een paar hoogtemeters. De wegkapitein van de week Paul was vergeten dit slingertje er uit te halen. In Holzminden kwamen we langs de Weser te rijden over echte fietspaden. Eerst bij Höxter ging onze weg weer westwaarts. Vanaf Ovenhausen naar de laatste tussenstop ging de route over fietspaden naast de doorgaande L755. 

Sjef werd op de laatste klim van de dag heerlijk zittend om een stoel in het gras aangetroffen. Hier werd het goede voorbeeld gegeven door Cees A. om ons nu zelfs van de beenstukken te ontdoen. Bij de Weser hadden de armstukken er al aan moeten geloven. We konden dus verder in kort kort. Voor het eerst deze reis.

In Steinheim was de Bahnhofsallee moeilijk te vinden. Eenmaal bij het hotel Stadt nog enige consternatie om binnen te komen. Dit hotel heeft na het ontbijt geen aanwezig personeel. Middels codes en veel zoeken, hebben we de kamers toch bereikt. De fietsen maar meegenomen naar boven, want van een stalling was geen sprake. De kamers zijn prima.  Zes man slapen aan de linkerkant van het gebouw met eigen toegang. Cees A slaapt achter een eigen toegangsdeur aan de andere kant van het gebouw. Ik vermoed dat hij de nachtelijke bijgeluiden flink zat was. 

Voor het avondeten moesten we er op uit, want het hotel bood geen uitkomst. Wel waren er aanbevelingen in het stadje, waar gegeten kon worden. Op voorspraak van Sjef werd het Italiaans. Paul was weer onze gids, zoals hij de hele reis is. Het restaurant was op ons voorbereid, want nog precies één tafel vrij. We hebben kostelijk gegeten en zijn weer klaar voor de nacht en de nieuwe dag van morgen.  

Foto’s